Deze zeer interessante stelling komt van Augustinus, één van de kerkvaders. Augustinus kwam tot deze stelling doordat hij de vergelijking maakte tussen enerzijds de joden en Jezus en anderzijds Kaïn en Abel. Volgens Augustinus staat Kaïn, die zijn broer doodde voor de joden en Jezus voor Abel die geweldloos het lijden onderging.
Kaïn vermoordt zijn broer en bidt tot God, hij krijgt spijt en begint te beseffen wat hij gedaan heeft. Deze legt hem de straf van verbanning op en verplicht hem met een symbool rond te lopen, waardoor hij herkenbaar zou zijn en niemand hem zou doden voor wat hij gedaan heeft. Dit is volgens Augustinus ook wat de joden moeten ondergaan. Zij zijn veroordeelt door hun misdaad tegen Jezus om zonder land verder te blijven gaan en een symbool te dragen. Paus Innocentius III deelde deze mening en liet de joden dit lot ondergaan.
Hieruit kan men afleiden dat de joden zich in geen geval op de bijbel mogen beroepen als ze zich Israël, hun zogezegd door God beloofde land toe-eigenen. Integendeel zelfs.
Hieronder een fragment uit een gesprek tussen Augustinus en Orosius.
Orosius: Cur Chaym ex terre fructibus munera reprobantur, et Abel de adipibus gregis sui munera suscipiuntur?
Orosius: Waarom werden de offergaven van Kaïn uit de vruchten van de aarde afgewezen en de offergaven van Abel uit de rijkdommen van zijn kudde aanvaard [Gen. 4: 4]?
Agustinus: Caym gerebat typum iudeorum qui illa corporalia sacramenta secundum testamentum exercebant. Horum enim sacrificia, superveniente [sic PL; ms: supervenienti] novi testamenti fide, [contempta et evacuata sunt; et cristianorum sacrificia, que ex innocencia Cristi innocentis agni constant, laudantur, que significabant ipsius Abel ex ovibus munera] [sic PL; ms heeft in plaats van deze passage: ex innocencia Deum laudantis, quod significabat Abel ex ovibus munera]. Munera vero Caym non accipiuntur. Unde et dicitur in psalmo: Oblaciones et holocaustamenta noluit.
Augustinus: Kaïn staat voor de joden, die de sacramenten volgens het oude testament uitvoeren. Hun offers zijn immers, doordat ze verdrongen zijn door het geloof van het nieuwe testament, veracht en vernietigd; en de offers van de christenen, die bestaan uit de onschuld van het onschuldige lam Christus, worden geprezen -- wat wordt aangeduid door de offergaven van Abel uit zijn schapen. De offergaven van Kaïn werden echter niet aanvaard. In de psalm staat daarover: Zijn gaven en brandoffers wilde hij niet [parafrase van Ps. 40: 7, naar aanleiding van Hebr. 10: 5, 8].
Orosius: Quid significat quod Caym Abel fratrem suum in agro interfecit?
Orosius: Wat is de betekenis ervan dat Kaïn zijn broer Abel in een veld vermoordde [Gen. 4: 8]?
Agustinus: Iam superius diximus Caym significare iu- [f. 286 r] deos qui Cristum occiderunt. Occiditur itaque Abel minor natu, occiditur et Cristus, caput populi minoris natu, a populo iudeorum maiore natu [sic PL; ms om.: maiore natu], qui Cristum occiderunt.
Augustinus: Zoals ik hierboven al zei: Kaïn staat voor de jo- [f. 286r] den die Christus doodden. Zoals Abel de jongstgeborene werd gedood, zo werd ook Christus, het hoofd van het jongstgeboren volk, gedood door het eerstgeboren volk van de joden, die Christus doodden.
Orosius: Quomodo intelligendum est quod sanguis Abel dicitur de terra ad Deum clamasse [sic PL; ms: ad eum clamasse]?
Orosius: Op welke manier moeten we begrijpen wat van het bloed van Abel wordt gezegd dat het vanuit de aarde naar God roept[Gen. 4: 10]?
Agustinus: Sanguis Abel significat sangwinem Cristi quo universa ecclesia accepto dicit: "Amen". Nam qualem clamorem faciet universa ecclesia dum potatur sangwine Cristi et dicit "amen", tu ipse si potes considera. Iudei ergo qui intelliguntur in persona Caym, quoniam non credentes in Cristo non potantur sangwine Cristi. Maledicti sunt super terram, super illam scilicet terram que apperuit os suum per confessionem et bibit sangwinem fratris sui, idest Cristi sui. Quem quia iudei non bibunt, ideo maledicti sunt.
Augustinus: Het bloed van Abel is het bloed van Christus: als dat wordt aangenomen zegt de hele kerk "amen". Stel je zelf eens voor, als je kunt, hoeveel gedruis de hele kerk niet maakt als ze van het bloed van Christus drinkt en "amen" zegt. De joden dus, die aangeduid worden door de persoon van Kaïn, drinken niet van het bloed van Christus, omdat ze niet in Christus geloven. Vervloekt zijn zij over de hele aarde, over die aarde namelijk die zijn gebeente blootlegt door een bekentenis en die het bloed drinkt van hun broeder, dat wil zeggen van hun Christus. Dus omdat de joden dit niet drinken, daarom zijn ze vervloekt.
Posts tonen met het label palestina. Alle posts tonen
Posts tonen met het label palestina. Alle posts tonen
dinsdag, maart 18, 2008
Joden geen recht op Israël volgens de bijbel
vrijdag, januari 18, 2008
vrijdag, december 21, 2007
Stop Israëlische bezetting
Weg met Israël nu
Als nationalistisch tijdschrift voelt Klauwaert mee met de strijd van de Palestijnen.
Wat er in Palestina de laatste eeuwen is gebeurd, is zowat het ergste wat
een volk kan overkomen. Verdreven worden uit het eigen land en beperkt in rechten.
En dat allemaal door een vreemde bezetter. Deze toestand is nu al een 100 jaar bezig en het wordt tijd dat het Westen wakker wordt en mee de steun uitdrukt aan
de Palestijnen.
Een man die deze mening deelt is Dries Van Agt, advocaat en oud-premier van Nederland. Hij is iemand die als neutraal persoon uit het Westen de hele toestand nauwgezet heeft geanalyseerd.
Klauwaert staat volledig achter zijn visie over het conflict en bewondert hem voor zijn oprechtheid en lef om als westers politicus een standpunt in te nemen dat ingaat tegen de visie van het almachtige Joodse establishment in het Westen.
Wat volgt is een beknopt overzicht van wat er echt gebeurd is in Palestina. Niet gekleurd en de harde, volledige waarheid. Wil je nog meer te weten komen over het conflict dan raden we je graag zijn site aan: www.driesvanagt.nl.
Het Israëlisch-Palestijnse conflict in vogelvlucht
Palestina heeft eeuwenlang deel uitgemaakt van het Ottomaanse rijk. Toen dit rijk na de Eerste Wereldoorlog ineenstortte, maakten Europese mogendheden zich van de brokstukken ervan meester. De destijdse Volkenbond, voorloper van de Verenigde Naties, gaf Palestina in beheer (mandaat) aan Groot-Brittannië. In die tijd, omtrent 1920, bestond de bevolking van Palestina nog voor ongeveer 90% uit Palestijnen.
In de jaren tussen de beide wereldoorlogen trokken veel Joodse migranten naar Palestina. Kwalijke uitingen van antisemitisme in Europa stimuleerden die emigratie en de zionistische beweging maakte er krachtig propaganda voor. De gruwelijke Jodenvervolging die zich tijdens de Tweede Wereldoorlog voordeed bracht in de jaren veertig een uittocht uit Europa teweeg. Zo kwam de verhouding tussen de inheemse Palestijnse bevolking en de immigrerende Joden steeds meer onder druk te staan. De Britse beheerder werd de grond toen al gauw te heet onder de voeten.

In 1947 werd het de Britten te gortig. Ze wierpen het probleem Palestina in de schoot van de Verenigde Naties (VN). Wat moesten die ermee aan? De VN kwamen met een verdelingsplan voor Palestina. Er zouden naast elkaar een staat voor de Joden en een staat voor de inheemse Palestijnen moeten komen. Volgens dat plan zouden de Joden 55% van Palestina krijgen, de Palestijnen 42% (de rest, omvattende Jeruzalem, zou onder internationaal beheer worden gesteld). Dit was een onrechtvaardige verdeling, want de bevolking van het gebied bestond toen voor 30% uit Joden en voor 70% uit Palestijnen. Geen wonder dan ook dat niet alleen de Palestijnen, maar ook de Arabieren in de aangrenzende landen deze aanbeveling van de VN verwierpen.
Toen op 14 mei 1948 David Ben-Gurion de staat Israël uitriep, brak oorlog uit met de Arabieren. Tijdens die oorlog veroverde het leger van Israël veel land dat in het VN plan was toegewezen aan de Palestijnen. In 1949 was de staat Israël al meester over 78% van het voormalige mandaatgebied Palestina.
Maar al in april 1948, dus reeds vóór de uitroeping van de staat Israël, waren zionistische milities begonnen met het veroveren van land en het verdrijven van Palestijnen. Bij het einde van de oorlog waren circa 750.000 Palestijnen verjaagd of gevlucht. Om te voorkomen dat zij zouden terugkeren naar huis en haard, hebben Israëlische strijdgroepen honderden Palestijnse dorpen verwoest.
In 1967 veroverde Israël de rest van Palestina (22%). Toen begon de bezetting van Oost-Jeruzalem, de Westoever van de Jordaan en Gaza. Ten gevolge van deze verovering hebben weer honderdduizenden Palestijnen de wijk genomen. Zij vormen nu de grootste vluchtelingenpopulatie ter wereld. VN-resoluties hebben in ondubbelzinnige bewoordingen geproclameerd dat verdreven en gevluchte Palestijnen (1948-1949 en 1967) het recht hebben terug te keren. Israël schuift deze uitspraken terzijde.
Op de aldus verbrokkelde Westoever kan geen levensvatbare Palestijnse staat meer worden gevestigd en dat is blijkbaar de bedoeling van dit kolonisatiebeleid. Het planten van nederzettingen, bewoond door burgers van de bezettende staat, is vierkant in strijd met het internationale recht. Oost-Jeruzalem, in sociaal, economisch en cultureel opzicht het hart van de Palestijnse natie, is door Israël bij wet ingelijfd. Deze annexatie wordt door geen enkele staat ter wereld erkend.
Zeer opmerkelijk is het dat deze kolonisatie volop doorging tijdens de Oslo-vredesbesprekingen in de jaren 1993 tot 2000. Hoewel deze besprekingen gebaseerd waren op de formule “land voor vrede”, werden de nederzettingen juist in die periode in omvang en inwonertal verdubbeld! Vooral hierdoor strandde het vredesproces in 2000.

In 2003 is Israël begonnen met het bouwen van een enorme barrière, meestal de Muur genoemd. De oprichting hiervan, merendeels op bezet gebied en ten dele zelfs ver daarbinnen, is - alweer - een flagrante schending van het internationale recht. Het Internationale Hof van Justitie, ’s werelds hoogste rechter, heeft (op 9 juli 2004) uitgesproken dat Israël dadelijk moet ophouden met het bouwen van die Muur en moet afbreken wat er al staat. Het Hof stelde vast dat Israël wel een barrière mag bouwen op eigen territoir of op de grens met bezet Palestijns land maar niet op bezet gebied. Bovendien verklaarde het Hof de nederzettingen illegaal. Israël heeft zich van deze uitspraak niets aangetrokken. De bouw van de Muur gaat verder, tot op de dag van vandaag.
Het is nog erger. Het bezettingsleger heeft op tal van plaatsen (meer dan 500) wegen geblokkeerd door barricades en controleposten neergezet die de bewegingsvrijheid van de Palestijnse bewoners ernstig beperken. Daarbij komt dat voor verplaatsingen binnen het bezette gebied veelal speciale pasjes nodig zijn (die vaak moeilijk verkrijgbaar zijn). Zo wordt het familiebezoek belemmerd, ook het reizen naar school, ziekenhuis of werk en het vervoeren van oogst naar een markt. De samenleving raakt aldus ontwricht en wat er nog van een Palestijnse economie over is sterft af. Schrikbarende werkloosheid en armoede zijn het gevolg.
En de zelfmoordaanslagen dan? Mogen de Israëliërs zich daartegen niet door barrières en barricades beveiligen? Jawel, want deze aanslagen zijn illegaal, zelfs verfoeilijk.
Bij het nemen van maatregelen moet de Israëlische regering wel binnen de kaders van het internationaal recht blijven. Maar dat gebeurt niet. Het Israëlische leger, een van de sterkste ter wereld, maakt door bombardementen en beschietingen grote aantallen slachtoffers onder de Palestijnse burgerbevolking. Helaas hoor je hierover nauwelijks.
Twee andere kanttekeningen moeten worden gemaakt. De zelfmoordaanslagen zijn pas in de jaren ’90 begonnen. Pas nadat de bezetting al ruim een kwart eeuw had voortgeduurd, zonder dat er enig uitzicht kwam op herstel van vrijheid en recht in een eigen Palestijnse staat. De dadelijke aanleiding hiertoe was een vreselijk incident in Hebron, in 1994. Een Joodse extremist rende daar een moskee binnen en doodde met een vuurwapen 29 in gebed neergeknielde Palestijnen.
Bovendien: van Israëlische zijde worden alle Palestijnse gewelddaden gebrandmerkt als daden van terreur, zelfs dan wanneer zij gericht zijn tegen het bezettingsleger. Het internationale recht veroorlooft echter ieder volk onder bezetting zich daartegen te verweren, ook met geweld.
Alleen de stichting van een levensvatbare Palestijnse staat kan een rechtvaardige en daarom duurzame vrede brengen in dit geteisterde land. Amerika is bij machte dit te bewerkstelligen. Maar ook Europa kan hiertoe een krachtige impuls geven. Helaas laat de EU haar mogelijkheden tot effectief optreden onbenut, het blijft bij het uiten van vermaningen. Als lid van deze falende EU is Nederland mede verantwoordelijk voor het voortduren van onrecht en ten hemel schreiende ellende in Palestina.
Wat indien de staat Israël uiteindelijk niet bereid blijkt, noch kan worden gedwongen, Oost-Jeruzalem en de hele Jordaanoever alsnog te ontruimen voor de stichting van een levensvatbare Palestijnse staat? Dan blijft er geen andere mogelijkheid over dan het voormalige mandaatgebied Palestina om te vormen tot één staat, waarin Joden en Palestijnen samen wonen op voet van gelijkheid. Zuid-Afrika kan hierbij tot voorbeeld dienen.

Als nationalistisch tijdschrift voelt Klauwaert mee met de strijd van de Palestijnen.
Wat er in Palestina de laatste eeuwen is gebeurd, is zowat het ergste wat
een volk kan overkomen. Verdreven worden uit het eigen land en beperkt in rechten.
En dat allemaal door een vreemde bezetter. Deze toestand is nu al een 100 jaar bezig en het wordt tijd dat het Westen wakker wordt en mee de steun uitdrukt aan
de Palestijnen.
Een man die deze mening deelt is Dries Van Agt, advocaat en oud-premier van Nederland. Hij is iemand die als neutraal persoon uit het Westen de hele toestand nauwgezet heeft geanalyseerd.
Klauwaert staat volledig achter zijn visie over het conflict en bewondert hem voor zijn oprechtheid en lef om als westers politicus een standpunt in te nemen dat ingaat tegen de visie van het almachtige Joodse establishment in het Westen.
Wat volgt is een beknopt overzicht van wat er echt gebeurd is in Palestina. Niet gekleurd en de harde, volledige waarheid. Wil je nog meer te weten komen over het conflict dan raden we je graag zijn site aan: www.driesvanagt.nl.
Het Israëlisch-Palestijnse conflict in vogelvlucht
Palestina heeft eeuwenlang deel uitgemaakt van het Ottomaanse rijk. Toen dit rijk na de Eerste Wereldoorlog ineenstortte, maakten Europese mogendheden zich van de brokstukken ervan meester. De destijdse Volkenbond, voorloper van de Verenigde Naties, gaf Palestina in beheer (mandaat) aan Groot-Brittannië. In die tijd, omtrent 1920, bestond de bevolking van Palestina nog voor ongeveer 90% uit Palestijnen.
In de jaren tussen de beide wereldoorlogen trokken veel Joodse migranten naar Palestina. Kwalijke uitingen van antisemitisme in Europa stimuleerden die emigratie en de zionistische beweging maakte er krachtig propaganda voor. De gruwelijke Jodenvervolging die zich tijdens de Tweede Wereldoorlog voordeed bracht in de jaren veertig een uittocht uit Europa teweeg. Zo kwam de verhouding tussen de inheemse Palestijnse bevolking en de immigrerende Joden steeds meer onder druk te staan. De Britse beheerder werd de grond toen al gauw te heet onder de voeten.

In 1947 werd het de Britten te gortig. Ze wierpen het probleem Palestina in de schoot van de Verenigde Naties (VN). Wat moesten die ermee aan? De VN kwamen met een verdelingsplan voor Palestina. Er zouden naast elkaar een staat voor de Joden en een staat voor de inheemse Palestijnen moeten komen. Volgens dat plan zouden de Joden 55% van Palestina krijgen, de Palestijnen 42% (de rest, omvattende Jeruzalem, zou onder internationaal beheer worden gesteld). Dit was een onrechtvaardige verdeling, want de bevolking van het gebied bestond toen voor 30% uit Joden en voor 70% uit Palestijnen. Geen wonder dan ook dat niet alleen de Palestijnen, maar ook de Arabieren in de aangrenzende landen deze aanbeveling van de VN verwierpen.
Toen op 14 mei 1948 David Ben-Gurion de staat Israël uitriep, brak oorlog uit met de Arabieren. Tijdens die oorlog veroverde het leger van Israël veel land dat in het VN plan was toegewezen aan de Palestijnen. In 1949 was de staat Israël al meester over 78% van het voormalige mandaatgebied Palestina.
Maar al in april 1948, dus reeds vóór de uitroeping van de staat Israël, waren zionistische milities begonnen met het veroveren van land en het verdrijven van Palestijnen. Bij het einde van de oorlog waren circa 750.000 Palestijnen verjaagd of gevlucht. Om te voorkomen dat zij zouden terugkeren naar huis en haard, hebben Israëlische strijdgroepen honderden Palestijnse dorpen verwoest.
In 1967 veroverde Israël de rest van Palestina (22%). Toen begon de bezetting van Oost-Jeruzalem, de Westoever van de Jordaan en Gaza. Ten gevolge van deze verovering hebben weer honderdduizenden Palestijnen de wijk genomen. Zij vormen nu de grootste vluchtelingenpopulatie ter wereld. VN-resoluties hebben in ondubbelzinnige bewoordingen geproclameerd dat verdreven en gevluchte Palestijnen (1948-1949 en 1967) het recht hebben terug te keren. Israël schuift deze uitspraken terzijde.
Op de aldus verbrokkelde Westoever kan geen levensvatbare Palestijnse staat meer worden gevestigd en dat is blijkbaar de bedoeling van dit kolonisatiebeleid. Het planten van nederzettingen, bewoond door burgers van de bezettende staat, is vierkant in strijd met het internationale recht. Oost-Jeruzalem, in sociaal, economisch en cultureel opzicht het hart van de Palestijnse natie, is door Israël bij wet ingelijfd. Deze annexatie wordt door geen enkele staat ter wereld erkend.
Zeer opmerkelijk is het dat deze kolonisatie volop doorging tijdens de Oslo-vredesbesprekingen in de jaren 1993 tot 2000. Hoewel deze besprekingen gebaseerd waren op de formule “land voor vrede”, werden de nederzettingen juist in die periode in omvang en inwonertal verdubbeld! Vooral hierdoor strandde het vredesproces in 2000.

In 2003 is Israël begonnen met het bouwen van een enorme barrière, meestal de Muur genoemd. De oprichting hiervan, merendeels op bezet gebied en ten dele zelfs ver daarbinnen, is - alweer - een flagrante schending van het internationale recht. Het Internationale Hof van Justitie, ’s werelds hoogste rechter, heeft (op 9 juli 2004) uitgesproken dat Israël dadelijk moet ophouden met het bouwen van die Muur en moet afbreken wat er al staat. Het Hof stelde vast dat Israël wel een barrière mag bouwen op eigen territoir of op de grens met bezet Palestijns land maar niet op bezet gebied. Bovendien verklaarde het Hof de nederzettingen illegaal. Israël heeft zich van deze uitspraak niets aangetrokken. De bouw van de Muur gaat verder, tot op de dag van vandaag.
Het is nog erger. Het bezettingsleger heeft op tal van plaatsen (meer dan 500) wegen geblokkeerd door barricades en controleposten neergezet die de bewegingsvrijheid van de Palestijnse bewoners ernstig beperken. Daarbij komt dat voor verplaatsingen binnen het bezette gebied veelal speciale pasjes nodig zijn (die vaak moeilijk verkrijgbaar zijn). Zo wordt het familiebezoek belemmerd, ook het reizen naar school, ziekenhuis of werk en het vervoeren van oogst naar een markt. De samenleving raakt aldus ontwricht en wat er nog van een Palestijnse economie over is sterft af. Schrikbarende werkloosheid en armoede zijn het gevolg.
En de zelfmoordaanslagen dan? Mogen de Israëliërs zich daartegen niet door barrières en barricades beveiligen? Jawel, want deze aanslagen zijn illegaal, zelfs verfoeilijk.
Bij het nemen van maatregelen moet de Israëlische regering wel binnen de kaders van het internationaal recht blijven. Maar dat gebeurt niet. Het Israëlische leger, een van de sterkste ter wereld, maakt door bombardementen en beschietingen grote aantallen slachtoffers onder de Palestijnse burgerbevolking. Helaas hoor je hierover nauwelijks.
Twee andere kanttekeningen moeten worden gemaakt. De zelfmoordaanslagen zijn pas in de jaren ’90 begonnen. Pas nadat de bezetting al ruim een kwart eeuw had voortgeduurd, zonder dat er enig uitzicht kwam op herstel van vrijheid en recht in een eigen Palestijnse staat. De dadelijke aanleiding hiertoe was een vreselijk incident in Hebron, in 1994. Een Joodse extremist rende daar een moskee binnen en doodde met een vuurwapen 29 in gebed neergeknielde Palestijnen.
Bovendien: van Israëlische zijde worden alle Palestijnse gewelddaden gebrandmerkt als daden van terreur, zelfs dan wanneer zij gericht zijn tegen het bezettingsleger. Het internationale recht veroorlooft echter ieder volk onder bezetting zich daartegen te verweren, ook met geweld.
Alleen de stichting van een levensvatbare Palestijnse staat kan een rechtvaardige en daarom duurzame vrede brengen in dit geteisterde land. Amerika is bij machte dit te bewerkstelligen. Maar ook Europa kan hiertoe een krachtige impuls geven. Helaas laat de EU haar mogelijkheden tot effectief optreden onbenut, het blijft bij het uiten van vermaningen. Als lid van deze falende EU is Nederland mede verantwoordelijk voor het voortduren van onrecht en ten hemel schreiende ellende in Palestina.
Wat indien de staat Israël uiteindelijk niet bereid blijkt, noch kan worden gedwongen, Oost-Jeruzalem en de hele Jordaanoever alsnog te ontruimen voor de stichting van een levensvatbare Palestijnse staat? Dan blijft er geen andere mogelijkheid over dan het voormalige mandaatgebied Palestina om te vormen tot één staat, waarin Joden en Palestijnen samen wonen op voet van gelijkheid. Zuid-Afrika kan hierbij tot voorbeeld dienen.

Abonneren op:
Posts (Atom)
Alles op deze webstek mag overgenomen worden mits duidelijke bronvermelding. De redactie van Klauwaert